Mensen stonden te dansen op de tafels

“Sinds 1977 woon ik in de Derde Oosterparkstraat. In de beginjaren was het er gezellig, rommelig, veel vrijer en gemoedelijker. Er heerste een geest van revolutionair optimisme, zo van ‘we gaan er een mooie wereld van maken.’ Op het oude Iepenplein was het erg gezellig, er waren cafeetjes, je er biljarten en mensen stonden te dansen op de tafels.

Op een gegeven moment werden veel oude panden afgebroken, dat vind ik erg zonde, het is kaalslag en bovendien hangt er nu een andere sfeer. De oorspronkelijke bevolking is vertrokken.

Zo rond 2001 begonnen de geruchten over de geplande afbraak van mijn huis. In 2006 waren dat ineens definitieve plannen. Verkeerde bewoners enquêtes, bedreigende en manipulatieve berichtgeving volgde, mensen kwamen zelfs bij me thuis. Toen ben ik posters gaan maken en heb deze bij buren in de bus gedaan, en ben met hen gaan vergaderen. Viavia hebben we via het kraakspreekuur de krakers erbij gehaald, een aantal etages zijn gekraakt en ’t Blijvertje als buurtcentrumpje geboren. Samen hebben de bewoners en de krakers veel werk verzet om de afbraak van de woningen tegen te gaan. We informeerden mensen over hun rechten, vochten tegen de afbraak van sociale huurwoningen en ook van de prachtige oude gevels.

Alles in de buurt wordt duurder, het wordt eenzijdig, de lagere inkomens verdwijnen. Gelukkig kan ik, na veel gedoe, na een wisselwoning weer terug komen in de straat.

Ik zal de gezelligheid van ’t Blijvertje missen, het ongecompliceerd met elkaar omgaan. Ook zal ik zijn oude buren missen.

De mensen die tot de sloop hebben besloten zullen daar uiteindelijk wel op aangesproken worden, want dit is zo zonde.”